Reconquista is een spel dat zich in het middeleeuwse Spanje situeert. Het Iberisch schiereiland was toen verdeeld over verschillende christelijke en islamitische staten. Het spel wordt gespeeld rond een grote kaart. Elke speler controleert één staat, maar er zijn mechanismen om tijdelijk ook andere, kleinere, non-player staten te controleren. Elke staat heeft een economische waarde (EcW), die de som is van de waarde van de steden die zich in de staat bevinden. De winnaar is de speler die zijn EcW verhoudingsgewijs op het einde van het spel het meest weten uit te breiden. Er zijn een aantal bonussen en sancties. Bij de start van het spel worden de staten bij opbod toegewezen aan de spelers, en dit bod wordt van de eindscore afgetrokken. Je kan dus met een kleinere of slecht gelegen staat (waarvoor men minder zal bieden) even goed winnen als met een grote staat.

Het spel kan een vijftal beurten duren (twee of drie beurten is realistisch in het tijdsbestek van 1 speeldag). Elke beurt stelt 10 jaar voor. Volgorde binnen elke beurt: In het begin wordt gegooid voor een onverwachte gebeurtenis (rebellie, misoogsten,… tabel). Daarna kunnen de spelers overleggen (diplomatie). Ze kunnen gebieden, troepen, geld,… uitwisselen. Vervolgens worden de belastingen geïnd. Met dat geld kunnen huurlingen, vloten en generaals worden ingehuurd. Elke staat heeft ook een basisleger naargelang de grootte van de staat. Nadat het veldleger en de garnizoenen geplaatst zijn, volgen nu drie fasen van militaire operaties. Elke staat heeft één veldleger dat ingezet wordt met acties die op voorhand worden aangekocht: beweging, belegering, raid,… Als twee veldlegers elkaar ontmoeten, is er een veldslag die met zeer eenvoudige regels met figuren wordt uitgevochten. Een veldslag duurt ongeveer een kwartier. Als alle veldslagen en belegeringen uitgevochten zijn (en steden veroverd of verloren) begint de volgende beurt.

Veldslag: Een veldleger bestaat uit minstens 8 en maximum 18 stands. Er wordt onderscheid gemaakt tussen ridders, cavalerie, lichte ruiterij, professioneel voetvolk,… Deze stands worden ingedeeld in een vijftal batailles van hetzelfde type. De batailles kunnen vier soorten bevelen krijgen: charge (volle snelheid recht vooruit), maneuver (vooruit), staan en terugvallen. In het begin krijgt elke bataille een bevel, maar tijdens de slag is het niet altijd gemakkelijk om het bevel te veranderen. Dit hangt onder meer af van de kwaliteit van de generaal. De contacten worden uitgevochten door de basiswaarde van de stands te verhogen met een dobbelsteen en modifiers, en die resultaten met elkaar te vergelijken. Men behaalt de overwinning door als eerste 1/3de van het leger van de vijand te vernietigen. Het verslagen leger kan tijdens de achtervolging nog meer verliezen lijden. De restanten van het verslagen leger worden in garnizoen geplaatst.

foto3 foto4 foto5 foto7 foto8