1413 kondigde zich aan als het beslissende jaar. Twee Beren stonden nog tegenover elkaar: de door de Bourgondiërs gesteunde Willem van Langemeersch, heer van Rumbeke; en de door de Engelsen gesteunde Joris van Beveren. Beide heren verzamelden hun troepen voor de ultieme confrontatie, die zou plaatsvinden op een weide in Petegem, aan de oevers van de Leie.

DE SLAG BIJ PETEGEM-AAN-DE-LEIE (leen van Deinze)

Het leger van Willem was aanzienlijk groter dan dat van Joris, maar Willem liet een deel van zijn minder ervaren troepen achter in het kamp om de voorraden en de artilleriestukken te bewaken. De vier ingehuurde compagniën van veteranen die hij in het veld bracht, waren onmiskenbaar sterker dan het leger van Joris, die alleen de eigen heerban en een ingehuurde compagnie van Cornische langboogschutters kon opstellen. 

Engelsen  –  Mixte  –  Joyeux  –  Blauwe

Cornische comp – Heerban v Beveren

Veel ingewikkelde maneuvers werden er niet uitgevoerd. Het leger van Willem rukte op. De ruiters chargeerden, de boogschutters losten hun pijlen en de men-at-arms hakten op elkaar in. Het gevecht liep evenwel niet uit op de snelle overwinning die sommigen voorspeld hadden. De troepen van Joris weerden zich dapper en brachten aan de vijand grote verliezen toe. Het zag er enige tijd naar uit dat de mannen van Beveren alsnog de overwinning zouden behalen. Maar uiteindelijk gaf het numeriek en kwalitatief overwicht van de mannen van Rumbeke alsnog de doorslag. Het leger van Joris begon te wijken. Een stoutmoedige aanval van Alonso de Medici en zijn mannen brak door de Beverse linies, en in de verwarring werd Joris gevangen genomen. Dat besliste de slag en meteen ook de campagne. Enkele dagen later liet Willem van Langemeersch zich kronen tot de nieuwe graaf van Vlaanderen!